Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om schrik te hebben om vergissingen te maken.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om schrik te hebben om fouten te maken.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om schrik te hebben om te falen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om te geloven dat als ik een zware fout of vergissing maak, dat grote gevolgen heeft voor velen, dat dit betekend dat ik een faling ben.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om in te zien dat faling het woord valling in zicht houdt – wat toont dat een vergissing maken of een fout maken slechts betekent dat ik gevallen ben, dat ik gestruikeld heb, voor een moment – en net als met vallen, kan ik de keuze maken om weer op te staan en de volgende keer meer oplettend te zijn wanneer ik in dezelfde situatie of plek loop, zodat ik niet terug mijn neus opdonder.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om mijzelf te definiëren in relatie tot vergissingen of fouten die ik gemaakt heb, waarbij ik mijzelf beoordeel als een faling en geloof dat dit is wie ik ben – zonder in te zien dat als ik mijzelf beoordeel en definieer als een faler, dat ik hierin de beslissing maak dat dit alles is dat ik kan zijn met betrekking tot het punt waarin ik een fout of vergissing maakte – en dus, hierin mijn kans om mijzelf te verbeteren vernietig.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om in te zien dat als ik iets verKEERd gedaan heb, dat dit niet betekent dat ik wat ik deed nooit zal kunnen, maar liever dat ik het me deze KEER niet lukte en dus dat ik opnieuw probeer, keer op keer, totdat ik het onder de knie heb.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om de KEERzijde van vergissingen en fouten te bekijken, waarbij fouten en vergissingen ons aantonen waar we nog niet specifiek genoeg zijn in onszelf, in onze wereld in onze toepassing van onszelf – en dus fouten en vergissingen zijn een leidraad die ons tonen waar we onszelf kunnen verbeteren.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om het woord ‘verbeteren’ te verbinden met een leerkracht die mijn test gaat nakijken en gaat aanduiden waar ik een fout begaan heb – waarbij ik angst verbonden heb aan het woord ‘verbeteren’ omdat ik dacht dat het betekende dat als ik een fout begaan had, dat ik niet niet goed genoeg was – in plaats van het woord ‘verbeteren’ te zien voor wat het is – waar het aanduiden en tonen van fouten eigenlijk een ondersteuning is om een persoon gewaar te maken van waar ze zichzelf, hun toepassing van zichzelf en hun vaardigheden verder kunnen ontwikkelen en uitwerken.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om faalangst te hebben, omdat als ik een fout maak, ik mijzelf minder vertrouw – omdat ik geloof dat ik in de toekomst dezelfde fout zal maken.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om mijzelf de KANs te geven om mijzelf te tonen dat ik het wel KAN.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om te geloven dat als ik ergens een fout in maak, dat ik in de toekomst dezelfde fout zal maken, waarin ik mijn zelf-vertrouwen langzaam maar zeker meer en meer afbreek elke keer ik ergens een fout maak.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om beschaamd te zijn over fouten en vergissingen die ik gemaakt heb.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om mijn fouten en vergissingen te proberen wegfoefelen of verbergen zodat anderen mij niet beoordelen of op een andere manier gaan bekijken.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard bm schrik te hebben om beoordeeld te worden door anderen omdat ik schrik heb om het idee dat ik geloof dat ze van mij hebben in hun geest/mind – te verliezen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om schrik te hebben om het ‘goede’/’perfecte’ idee dat ik geloof andere mensen hebben van mij in hun geest/mind te verliezen – omdat ik mijzelf definieer in relatie tot het idee dat ik geloof anderen hebben over mij en wat zij denken over mij en dus, schrik heb dat, als dat idee veranderd, dat ik een deel van mijzelf verlies.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om in te zien dat wie ik ben niet bestaat in de ogen en geest van anderen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om in te zien dat wie ik ben niet bestaat in de gedachten en ideeën van anderen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan om mijzelf af te scheiden van mijzelf door mijzelf te definiëren met betrekking tot een idee of een gedachte of een impressie of een gevoel – in plaats van mij te realiseren dat wie ik ben hier is als mijzelf en nergens anders.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan om te geloven dat de beste manier om zelf-vertrouwen te hebben is door middel van alles te ontwijken waarin ik vroeger fouten heb gemaakt – in plaats van in te zien dat de beste manier om zelf-vertrouwen te ontwikkelen is door middel van mijzelf te ontwikkelen en verbeteren waarbij ik, traag maar zeker, steeds beter wordt in wat ik doe en steeds minder vergissingen en fouten maak.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om mijzelf een ultimatum op te leggen elke keer ik een fout maak, waarbij ik van mijzelf verwacht dat ik dezelfde fout nooit meer opnieuw maak – in plaats van in te zien dat wie ik ben zich gevormd heeft doorheen jaren en jaren van het herhalen van dezelfde gedragspatronen en dus, dat het jaren van vallen en opstaan zal nodig hebben om deze patronen te veranderen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om mijzelf te vergeven wanneer ik val.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om wanneer ik een zware fout maak, de herinnering van die fout steeds weer naar boven breng om mijzelf er te doen aan herinneren hoe zwaar ik gefaald heb als een manier van bestraffing.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om te geloven dat een straf ooit een productief gevolg heeft.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan om in te zien dat straffen en beloningen uitdelen slechts een manier is om mensen te manipuleren om hun gedrag te veranderen, maar geen instrumenten zijn waarmee mensen, voor zichzelf, hun gedrag veranderen waarbij ze zich gewaar zijn van de gevolgen van hun acties en werkelijk willen verantwoordelijkheid nemen om dezelfde gevolgen te voorkomen in de toekomst.
Ik realiseer mij dat fouten en vergissingen een hulpmiddel zijn als indicaties van waar we onszelf kunnen verbeteren.
Als en wanneer ik zie dat ik mijzelf beoordeel voor het maken van een fout/een vergissing of omdat ik iets verkeerd gedaan heb – dan stop ik, dan adem ik - ik realiseer mij dat een fout of vergissing maken of iets verkeerd doen geen definitieve impact hebben op wie ik ben – maar slechts dat het me deze keer niet lukte en dat ik moet oefenen, keer op keer mijzelf de kans geven, totdat ik het kan.
Als en wanneer ik zie dat ik angst heb om te falen – dan stop ik, dan adem ik – ik zie dat de faalangst aanduidt dat ik een herinnering heb uit het verleden waar ik in hetzelfde punt een fout/vergissing heb gemaakt, dat ik mijzelf boven het hoofd hang als een soort van ‘waarschuwing’ – daarom vergeef ik mijzelf voor de vergissing/fout die ik in het verleden gemaakt heb en om vast te houden aan die herinnering waarbij ik mijzelf definieerde in relatie tot die herinnering – ik laat los en ga de uitdaging tegemoet met een verse kijk.
Learn more »
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om de mind te zien als een veilige plek.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om te geloven dat ik alleen ben wanneer ik alleen ben met mijn gedachten, gevoelens en emoties.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om te geloven dat mijn mind mij beschermd en het beste met mij voor heeft.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om mij altijd in te houden, altijd een deel van mijzelf geborgen en verborgen te houden in het idee dat ik op die manier een deel van mijzelf altijd kan behouden en nooit kan verliezen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om schrik te hebben om mijzelf te verliezen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om te geloven dat ik mijzelf kan verliezen, in plaats van in te zien dat dat zou moeten betekenen dat ik afgescheiden ben in mijzelf waarnij ik beide onderwerp en lijdend voorwerp ben.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om schrik te hebben om alles van mijzelf in te zetten wanneer ik iets doe of onderneem, alsof ik met geld aan het kansspelen ben en schrik heb om al mijn geld te verliezen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan om in te zien dat als ik mijzelf niet ten volle geef, ik ook niet ten volle kan groeien.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om angst mij te laten tegenhouden, waarbij ik mij dan verschuil uit angst om gekwetst te worden door iets of iemand in mijn omgeving.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om in te zien dat niets of niemand mij kan kwetsen tenzij ik het toesta.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzlef niet heb toegestaan en aanvaard om in te zien dat de ervaring van gekwetst te zijn door iets of iemand altijd maar een ervaring in en als mijn mind is dat ik uiteindelijk altijd zelf verantwoordelijk voor ben – dus mijzelf verschuilen in mijzelf/mijn mind is geen oplossing aangezien ik degene ben die mijzelf kwetst en niets of niemand anders.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om in te zien dat als ik iets doe uit angst voor verlies, ik altijd eindig met iets te verliezen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om in te zien dat als ik mij verschuil in mijzelf en altijd een deel van mijzelf verborgen houdt en ‘bewaar’ – dat ik dan uiteindelijk verlies, want ik leef niet ten volle.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om de angst voor verlies door te geven aan mijn kinderen wanneer ik ze probeer veilig en verborgen te houden en hen bepaalde ervaringen ontzeg uit angst ze zullen gekwetst worden en ik ze zal verliezen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om altijd te proberen controleren wat en waar mijn kinderen aan blootgesteld worden uit angst dat ze zullen gekwetst worden en ik ze zal verliezen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om in te zien dat wanneer ik mijn kinderen bepaalde ervaringen ontzeg in een poging om hen te beschermen, dat ik ze eigenlijk de kans ontzeg om te groeien en om te leren van hun fouten en vergissingen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om de zonden van de vaders door te geven aan mijn kinderen, waarin ik mijn gewoontes en patronen doorgeef aan mijn kinderen en hierin de cyclus van angst en zelf-ontzegging zich blijft herhalen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard om in te zien dat als ik mijzelf of anderen de kans niet geef om fouten te maken, dan geef ik mijzelf en anderen ook de kans niet om te leren van fouten.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om mijzelf te limiteren in mijn expressie en participatie in de wereld omdat ik een idee van wat mogelijks zou kunnen gebeuren projecteer in de toekomst en als ik een scenario zie waar ik mogelijks slecht uitkom, dan probeer ik het liever niet, maar geef meteen op, zonder mijzelf de kans te geven om gewoon te proberen en als dingen foutlopen, te leren van mijn vergissingen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om altijd het ergste te verwachten en mijn mind te geloven wanneer het een projectie creëert van de toekomst.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om al mijn keuzes en beslissingen te baseren op projecties van hoe ik denk en geloof dat bepaalde zaken zullen uitlopen en dan een keuze te maken op basis van welk scenario mij het meeste geluk zal brengen, wat dat dan ook mag betekenen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om een idee te vormen doorheen de jaren van hoe ik wil dat mijn leven eruitziet, een plan, een beeld – en dit plan en dit toekomstbeeld aanpas van tijd tot tijd wanneer ik nieuwe mensen ontmoet waarvan ik denk dat zij een interessant leven lijden en die ideeën dan integreer in mijn toekomstplan en toekomstbeeld.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om dit imaginaire toekomstplan en toekomstbeeld als mijn persoonlijke droom te gebruiken als een gids wanneer ik beslissingen neem, waarbij ik bij elke keuze mogelijke toekomst-scenarios projecteer en de optie waarbij de toekomstscenario’s het dichtst bij mijn toekomstbeeld en toekomstplan liggen, wordt mijn keuze.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard te zien dat schijn bedriegt en dat het idee dat een bepaald soort leven het leven is dat ik wil lijden, slechts dat is: een idee – en dat mijn idee nooit hetzelfde zal zijn als de werkelijkheid en de werkelijke ervaring altijd een teleurstelling is in vergelijking met het idee dat ik ervan had.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om te kijken door de ogen van mijn in plaats van mijn fysieke ogen, de ogen die de kleuren niet doen kleurrijker lijken dan ze werkelijk zijn.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf niet heb toegestaan en aanvaard dat dingen niet automatisch beter zullen worden in de toekomst, maar dat als ik niet tevreden ben met mijn leven op dit moment, dat er zaken zijn die ik moet doen en richting geven in mijzelf en mijn wereld – in plaats van gewoon te zitten wachten voor ‘betere tijden’.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard om te wachten totdat mijn omgeving en de mensen in mijn omgeving mij vervullen, in plaats van in te zien dat ik niet vervuld, niet volledig kan zijn, tenzij ik alle delen van mijzelf terug bij mekaar breng, door alle afscheiding te stoppen.
Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb afgescheiden van mijzelf, waarbij ik bepaalde delen van mijzelf ben gaan definiëren buiten mijzelf – schoonheid in een prent, kracht in een man, aanvaarding in een huisdier, enzovoort – in plaats van de schoonheid, kracht en aanvaarding te zien en omarmen in en als mijzelf en dit te doen met alle delen die ik heb afgescheiden van mijzelf totdat ik weer volledig ben.
Als en wanneer ik zie dat ik een deel van mijzelf ‘bewaar’ en terughoud in mijzelf uit angst om mijzelf helemaal te verliezen, dan stop ik, dan adem ik – ik realiseer mij dat ik mijzelf nooit kan verliezen en dat ik slechts ten volle kan groeien als ik mij ten volle inzet.
Als en wanneer ik zie dat ik een projectie maak over wat de toekomst zou kunnen bieden, dan stop ik, dan adem ik – ik realiseer mij dat een toekomstbeeld en een idee van wat iets zal zijn nooit hetzelfde is en altijd ‘meer’ is dan de werkelijke ervaring ervan.
Als en wanneer ik zie dat ik mijn kinderen bepaalde ervaringen probeer te ontzeggen uit angst dat ze zullen gekwetst worden en dat ik ze kan verliezen – dan stop ik, dan adem ik – ik realiseer mij dat ik mijn kinderen de kans ontzeg om te leren van hun fouten, daarom laat ik ze toe om vergissingen te maken en ondersteun ik hen om zich te corrigeren als dit nodig is.
Ik zet mij in om aan te tonen dat angst voor verlies juist zal lijden tot verlies.
Ik zet mij in om alle angst te stoppen en een wereld te creëren waarin kinderen veilig zijn omzichzelf en de wereld te ontdekken.
Learn more »